Prejudiciele beslissing incassokosten

Enige tijd geleden heeft een kantonrechter de Hoge Raad de prejudiciële vraag gesteld:   “Dient art. 6:96 lid 6 BW aldus te worden uitgelegd dat na het verzenden van de daarin genoemde veertiendagenbrief vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten is verschuldigd, dus zonder dat de crediteur na het verzenden van die (veertiendagen)brief nog een nadere incassohandeling verricht?”      

De KBvG heeft van de geboden mogelijkheid gebruik gemaakt om Schriftelijke opmerkingen ex. artikel 8 Reglement Prejudiciële Vragen van de Civiele Kamer van de Hoge Raad in te dienen. Op 13 juni 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan. 

Zie de link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:1405 .