Staking politiebegeleiding opgeschort

De beroepsvereniging voor gerechtsdeurwaarders, KBvG, heeft gisteren bij het ministerie aangedrongen op een einde aan de staking en ’s avonds was het volop in het nieuws: de politiebonden en de minister van Veiligheid en Justitie praten weer met elkaar. In dat verband zijn de CAO acties opgeschort. Uiteraard is het niet vooraf te zeggen hoe lang de partijen blijven praten, maar vooralsnog zijn de acties dus opgeschort en wordt de deurwaarder weer begeleid bij het leggen van beslag op roerende zaken en bij ontruimingen en gijzelingen.

Haagse hof staat staking politiebegeleiding gerechtsdeurwaarders toe

Het actiemiddel van de politie om gerechtsdeurwaarders niet te begeleiden bij het leggen van beslag op roerende zaken en bij ontruimingen en gijzelingen is toegestaan. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag op 22 september 2015 in hoger beroep bepaald. Het Haagse hof is van oordeel dat het op dit moment niet dringend noodzakelijk is om de actie te verbieden.

De Nederlandse Staat en de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders waren een spoedprocedure tegen de diverse politiebonden gestart. Gerechtsdeurwaarders dienen volgens de wet begeleid te worden door de politie als bij de beslaglegging de deuren gesloten zijn of de toegang geweigerd wordt. De politie voert actie voor een betere CAO en zet als actiemiddel in om bij het openen van deuren niet aanwezig te zijn, behalve in schrijnende gevallen.

Het hof overweegt dat de politie slechts weinig actiemiddelen ter beschikking heeft. Het is duidelijk dat door deze actie van de politie derden schade lijden, bijvoorbeeld woningbouwverenigingen. Het is echter inherent aan het recht op collectieve actie dat derden schade kunnen lijden. Er moet wel sprake zijn van proportionaliteit. Het Haagse hof oordeelt dat op dit moment de schade niet zo omvangrijk is dat deze onaanvaardbaar is.

 

uitspraak ECLI:NL:GHDHA:2015:2555

Burgers worden vanaf 1 juli 2015 digitaal opgeroepen

Bekendmakingen aan burgers zonder bekende woon- of verblijfplaats verdwijnen uit de dagbladen en verschijnen voortaan in de digitale Staatscourant. De oproepen zijn te vinden op https://zoek.overheid.nl/oproepingen. Deze modernere manier van publiceren bespaart advertentiekosten en is beter toegankelijk. Er komt één loket, wat de duidelijkheid en de overzichtelijkheid voor de burger ten goede komt. Dit blijkt uit een wet over bekendmakingen aan personen zonder bekende woon- of verblijfplaats die op 1 juli 2015 in werking treedt.  

Al verandert de manier van publiceren, dat geldt niet voor de noodzaak om burgers in het openbaar op te roepen. Dat is namelijk hét middel om iemand die niet te bereiken is op een bekend adres toch te informeren. Maar dat moet dan wel eigentijds en effectief gebeuren. Het gaat bijvoorbeeld om personen aan wie de deurwaarder, in het kader van een civiele procedure, een dagvaarding moet uitbrengen en om personen van wie gijzeling wordt gevraagd, omdat verkeers- of geldboetes onbetaald blijven. Ook belanghebbenden in een verzoekschriftprocedure, zoals ouders die gehoord moeten worden over een ondertoezichtstelling van hun kind(eren), maar die niet zijn verschenen in de procedure, worden digitaal opgeroepen.  

De keuze voor de digitale Staatscourant ligt voor de hand. (Mobiel) internet heeft een groter bereik dan de papieren krant en is op openbare plaatsen voor eenieder toegankelijk. Dat vergroot de kans dat burgers zonder bekende woon- of verblijfplaats een oproep om op zitting te verschijnen daadwerkelijk onder ogen krijgen. Onderzoek van gerechtsdeurwaarders leert dat op berichten in (papieren) dagbladen niet of nauwelijks wordt gereageerd.  

De Staatscourant is een uitgave van de overheid, een abonnement is niet nodig. Burgers kunnen de informatie gratis raadplegen. Een groot voordeel ten opzichte van (papieren) dagbladen, die ze vaak eerst moeten aanschaffen. Ook kunnen burgers zich per e-mail laten attenderen op bekendmakingen waarin bijvoorbeeld de eigen voorletter(s) en achternaam voorkomen.  

Iemand zonder bekende woon- of verblijfplaats krijgt vier maanden de tijd om kennis te nemen van een bekendmaking in de Staatscourant. Na deze termijn is de publicatie nog wel in de Staatscourant te vinden, maar kan er niet meer op naam worden gezocht. Minister Van der Steur (Veiligheid en Justitie) wil met het oog op de privacy de termijn voor het zoeken op naam niet onnodig lang maken, maar wel lang genoeg om een persoon in een procedure op te roepen.

Wettelijke rente van 3 naar 2 procent

De ministerraad heeft op voorstel van minister Opstelten van Veiligheid en Justitie ingestemd met een verlaging van de wettelijke rente voor niet-handelstransacties van 3 naar 2 procent. Het besluit gaat in op 1 januari 2015.   De wettelijke rente is de rente die is verschuldigd als vergoeding voor vertragingsschade bij een verbintenis tot betaling van een geldsom. De vorige wijziging vond plaats op 1 juli 2012. De ministerraad heeft ermee ingestemd het ontwerpbesluit voor advies aan de Raad van State te zenden. De tekst van het besluit wordt openbaar bij publicatie in het Staatsblad.

Prejudiciele beslissing incassokosten

Enige tijd geleden heeft een kantonrechter de Hoge Raad de prejudiciële vraag gesteld:   “Dient art. 6:96 lid 6 BW aldus te worden uitgelegd dat na het verzenden van de daarin genoemde veertiendagenbrief vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten is verschuldigd, dus zonder dat de crediteur na het verzenden van die (veertiendagen)brief nog een nadere incassohandeling verricht?”      

De KBvG heeft van de geboden mogelijkheid gebruik gemaakt om Schriftelijke opmerkingen ex. artikel 8 Reglement Prejudiciële Vragen van de Civiele Kamer van de Hoge Raad in te dienen. Op 13 juni 2014 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan. 

Zie de link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:1405 .

Gerechtsdeurwaarders: vergezelling deurwaarder moet een politietaak blijven!

De KBvG roept de minister van Veiligheid en Justitie nogmaals op het wetsvoorstel dat regelt dat de gerechtsdeurwaarder bij binnentreding in woningen niet langer vergezeld wordt door een politieambtenaar, maar door een medewerker van de gemeente, in te trekken.  

Vandaag werd een deurwaarder bij een poging tot beslaglegging beschoten en elders in het land liet een bewoner die ontruimd moest worden, zijn woning vol gas lopen.  

“De gebeurtenissen van vandaag hebben pijnlijk duidelijk gemaakt hoe belangrijk het is dat de deurwaarder in de uitoefening van zijn ambtelijk werk vergezeld wordt door een politieambtenaar”, zegt John Wisseborn, voorzitter van de KBvG. Dat vinden wij niet alleen: ook de VNG en de Raad voor de Rechtspraak vindt dit géén taak voor een gemeente‐ambtenaar. De Raad van State was kritisch omdat het voorstel enkel om budgettaire redenen wordt gedaan.  

De Minister houdt zich doof voor al deze kritiek en wil zijn voorstel doorzetten. “Ronduit onbegrijpelijk”, aldus Wisseborn.”Ik hoop dat het na vandaag ook voor de Minister helder zal zijn wat het belang is van de politie‐ondersteuning van de gerechtsdeurwaarder. Ik moet er niet aan denken hoe het was afgelopen als de hulpofficier van Justitie er vandaag niet bij was geweest. “Het wetsvoorstel moet van tafel.”

Verbod op voorfinanciering out of pocketkosten

de Koninklijke Beroepsorganisatie van Gerechtsdeurwaarders (de KBvG) en onze toezichthouder, het Bureau Financieel Toezicht (het Bft), zagen de voorfinanciering van out-of pocketkosten – met name griffierechten – door gerechtsdeurwaarders tot een ongewenst hoog niveau oplopen. Daarom is door de KBvG een voor alle gerechtsdeurwaarders in Nederland bindende bestuursregel vastgesteld met een verbod op de voorfinanciering van de “out of pocketkosten”. Die bestuursregel is met ingang van 1 december 2013 in werking getreden.

Wij mogen de out-of-pocketkosten dus niet meer voorschieten. Als dergelijke kosten gemaakt moeten worden, dan zullen wij u om een voorschot vragen alvorens de werkzaamheden mogen worden uitgevoerd. Na ontvangst van het voorschot kunnen de werkzaamheden worden verricht.

Wanneer wij meer dossiers voor u behandelen, dan controleren wij eerst of er in die dossiers ontvangsten zijn. Is dat zo en kunnen de out of-pocketkosten daardoor worden gedekt, dan is het vragen van een voorschot niet nodig zolang de dekking aanwezig blijft. Zodra dat niet het geval is, zullen wij contact met u opnemen en om een voorschot vragen. In de lopende dossiers zullen wij controleren of de vereiste dekking aanwezig is. Zo niet, dan ontvangt u alsnog een voorschotnota. Out-of-pocketkosten zijn de te maken kosten voor: informatie, verhaalsonderzoek, griffierecht, slotenmaker, ontruimersploeg. Wanneer wij een advocaat inschakelen, dan zullen de daaraan verbonden kosten ook bij wijze van voorschot gedekt moeten worden.

Hebt u vragen, neemt u dan contact op met ons kantoor.

Jeroen bedwingt Alpe d’Huez

Jeroen is nog steeds onder de indruk van het evenement: “Ik vind het steeds weer bijzonder om te zien hoe zo ontzettend veel mensen zich inzetten voor dit doel. Dat hebben die gekke Hollanders toch maar weer mooi voor elkaar gekregen!”

Bijna 8.000 fietsers en hardlopers probeerden op woensdag 5 juni en donderdag 6 juni de Alpe d’Huez te bedwingen. Dat deden ze om zoveel mogelijk sponsorgeld op te halen voor de overwinning op kanker en het verbeteren van de kwaliteit van leven van mensen die aan die ziekte lijden. Ook Jeroen Wegbrands (t.k. gerechtsdeurwaarder Swier cs Gerechtsdeurwaarders, links boven op de foto) heeft zich keihard ingezet voor dit doel. En met succes: Jeroen heeft Alpe d’Huez vier keer opgefietst! Een wereldprestatie. De actie heeft dit jaar ruim 25 miljoen Euro opgeleverd.

Jeroen op Alpe d’Huez

Jeroen is nog steeds onder de indruk van het evenement: “Ik vind het steeds weer bijzonder om te zien hoe zo ontzettend veel mensen zich inzetten voor dit doel. Dat hebben die gekke Hollanders toch maar weer mooi voor elkaar gekregen!”

Raad voor de rechtspraak bezorgd over hogere griffierechten

De Raad voor de rechtspraak is bezorgd over de voorgenomen verhogingen van de griffierechten. Vooral de verdubbeling van de griffierechten voor rechtszaken in hoger beroep beperkt de toegang tot de rechter, vindt de Raad.

Het kabinet stelt in een wetsvoorstel voor de griffierechten (de kosten die betaald moeten worden voor een gang naar de rechter) te verhogen. Vooral zaken in hoger beroep worden fors duurder. Zo worden de tarieven voor civiele zaken (tussen bijvoorbeeld burgers onderling of bedrijven en burgers) in hoger beroep verdubbeld.
De verhoging van de griffierechten voor zaken in eerste aanleg is minder hoog tot verwaarloosbaar. In het wetsvoorstel staat dat het kabinet hecht aan een laagdrempelige toegang tot de rechter. Het gemiddelde percentage waarmee de griffierechten worden verhoogd, is 15 procent.

 

Andere verdeling

De Raad zegt in het wetgevingsadvies (PDF, 64 Kb) begrip te hebben voor het feit dat er gezocht wordt naar wegen om financieringsproblemen bij de Rechtspraak het hoofd te bieden. Het vorige kabinet had het plan om kostendekkende griffierechten in te voeren. De Raad is blij dat het huidige kabinet minder vergaande verhogingsvoorstellen doet.
De Raad pleit in het wetgevingsadvies echter voor een andere verdeling van de verhoging over zaken in eerste aanleg en hoger beroep. Volgens de Raad zou de verhoging voor zaken in eerste aanleg enkele procenten moeten zijn en voor zaken in hoger beroep maximaal 60 procent.

 

Minder zaken voor de rechter

Een toets leert dat de nu door het kabinet voorgestelde verhogingen jaarlijks leiden tot achtduizend rechtszaken minder. Het aantal handelszaken (aansprakelijkheden, contractbreuk, geldvorderingen, verzekeringskwesties) in hoger beroep neemt naar verwachting af met 14 procent. Dit is van een ‘zodanige omvang dat men zich de vraag kan stellen of de toegang tot de rechter hierdoor niet te zeer beperkt wordt’, aldus het wetgevingsadvies.
Ook in andere rechtsgebieden zullen er minder zaken zijn: belastingzaken in hoger beroep (- 6 procent), bestuurszaken in hoger beroep (- 5 procent),  belastingzaken en bestuurszaken in eerste aanleg (- 4 procent) en familiezaken in hoger beroep (- 2 procent).

 

Griffierecht incassozaken

De Raad voor de rechtspraak vraagt in zijn wetgevingsadvies verder aandacht voor de gevolgen van de verhoging van de griffierechten in incassozaken vanaf 500 euro. Deze werden per 1 juli 2011 verhoogd, met het veranderen van de competentiegrens voor de kantonrechter (‘Wet Deetman’). Sindsdien bedraagt het griffierecht voor vorderingen tussen de 500 en 12.500 euro 448 euro. Daardoor wordt er steeds vaker vanaf gezien om vorderingen tot 1.500 euro via de kantonrechter te incasseren. De verhouding tussen het te incasseren bedrag en de te maken kosten is zoek, meent de Raad.

Dat is nadelig voor het midden- en kleinbedrijf, maar ook voor de mensen die een kleine schuld niet kunnen betalen en dan na incasso met een veel grotere schuld blijven zitten. De Raad noemt dit een onwenselijke situatie en vraagt de minister het griffierecht in incassozaken bij geschillen tussen 500 en 1.500 euro substantieel te verlagen.